Bijeenkomst 12: Schoolbeleid- en organisatie in tijden van corona

Profile photo of Ad van Kemenade
Ad van Kemenade

Ad van Kemenade is de directeur-bestuurder van het Udens College. Hij zal ingaan op de dilemma’s, effecten en reflectie t.a.v. het Udens College als leergemeenschap voor het leven. Als voorbereidend leeswerk heeft hij een drietal mooie artikelen gegeven, waarvan wij aan jullie willen vragen om deze van te voren door te lezen. Hieronder staan de linkjes naar de artikelen. Voor diegenen die de artikelen niet via de linkjes kunnen lezen omdat ze wellicht achter een betaalmuur staan, staan twee van de artikelen ook onderaan deze pagina. De linkjes naar de artikelen zijn:

Artikel 1: https://www.volkskrant.nl/es-bfe91cab

Artikel 2: Coronadepressies onder jongeren: grote zorgen, maar vooralsnog geen harde cijfers | De Volkskrant

Artikel 3: ‘Ze leren niet alleen voor school, maar voor het leven’ | De Peel | ed.nl


Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [16.10 KB]

ARTIKEL 1: ‘Je moet jongeren niet betuttelen, maar betrekken’

Jongeren stonden in deze coronacrisis lang aan de zijlijn. Wat vinden ze van Ruttes uitnodiging om opbouwende kritiek en ideeën aan te dragen?Maurits Chabot22 mei 2020, 10:00

Een meisje laat zich fotograferen door een vriendin op een lege Dam.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Een meisje laat zich fotograferen door een vriendin op een lege Dam.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Mert Kumru (22, jongerenvertegenwoordiger bij de VN):

‘Jongeren juichen dit initiatief toe, maar we zijn ook voorzichtig: zeggen dat ze zich moeten uitspreken is één, ernaar luisteren en zeker ernaar handelen is iets anders. Aan het begin van de coronacrisis werden we vooral toegesproken: houd je aan de regels. Er was weinig ruimte voor inbreng. Dan worden we betutteld, niet betrokken. Velen kregen het gevoel dat ze niets mochten inbrengen, dat er over en voor hen besloten werd. Dat legt een voedingsbodem voor een generatieconflict.

‘Daarom is dit een goede stap. We moeten spreken over toegang tot scholen, maar ook over de arbeidsmarkt, met vele jonge zzp’ers en hun kansloze positie op de huizenmarkt. Het is niet alleen belangrijk dat jongeren politici adviseren, maar ook dat politici hun plannen voorleggen aan jongeren en zelf ­advies inwinnen. Temeer daar de rekening van deze crisis vooral op ons bord zal belanden. Met het oog op de verkiezingen volgend jaar is het in het belang van politici om jongeren daarbij te betrekken.’

Micha de Winter (68, pedagoog, zat in werkgroep Sociale Impact Corona die het kabinet adviseerde jongeren te raadplegen):

‘Tot nu toe richtte het kabinet zich vooral op het bestrijden van het virus en op de medische aspecten. Het wordt meer van belang de ­sociale gevolgen te bekijken en daarvoor is ook het betrekken van jongeren cruciaal. Zij kampen met studieschulden, met werkloosheid, met geweld in gezinnen. Ze hebben het gevoel dat ze van alles niet mogen – niet sporten, niet naar school, niet naar buiten met vrienden – en geen inspraak hebben. Sommigen menen dat het hun probleem niet is, maar een probleem van ouderen. Ze mogen van alles niet, moeten van alles wel, en krijgen boetes bij een misstap.

‘Het is zowel voor hun mentale gezondheid als voor het ontwikkelen van hun verantwoordelijkheidsgevoel van belang dat ze regie over hun leven krijgen. Die kans was hun in eerste instantie ontnomen. Nu we van crisis- naar herstelfase gaan, is het goed hun die mogelijkheid alsnog te bieden. Een democratie draait om burgerschap.

‘Inspraak wil niet zeggen dat jongeren de 1,5-metermaatregel kunnen herzien, maar ze mogen meedenken over de inrichting van hun school of sportclub. Het gaat niet om het beïnvloeden van kabinetsbeleid, maar om lokale initiatieven. Burgemeesters en jongeren-­ werkers kunnen ideeën verzamelen in de wijken. Juist jongeren die in Kanaleneiland in Utrecht, in Amsterdam-Zuidoost of Rotterdam-Zuid in flatjes met zes broers en zussen op elkaars lip zitten en amper naar buiten mogen, moet je zien te bereiken. Deze oproep is primair aan hen gericht, en minder aan goedgebekte jongeren in het jeugdparlement of jongerenpartijen. De doelgroep zal heus geen persconferentie van Rutte kijken; dat de oproep van de premier komt, heeft vooral symbolische betekenis. Het is nu aan burgemeesters, lokale initiatieven en jongerenwerkers: je moet het zo dichtbij mogelijk organiseren.’

Bas van Weegberg (23, voorzitter FNV jong):

‘Wij nemen de handschoen die Rutte werpt graag op. Het werd hoog tijd dat jongeren erbij betrokken werden, want we verkeren al maanden in lockdown en werden tot nog toe niet gehoord. Sinds de oproep is het snel gegaan: we werken nu samen met het Landelijk Aktiecomité Studenten en de Nationale Jeugdraad om de belangen van jongeren ten tijde van de crisis te behartigen. Zo moeten we betere voorzieningen bedenken voor de talloze jonge flexwerkers die zonder opdrachten zitten.

‘Ook is eenzaamheid onder jongeren een belangrijk thema. Daarnaast werken we met de jongerenraad van de SER, met CNV-jongeren en met de Klimaatbeweging om onze plannen ingang te doen vinden bij het kabinet. Bovendien hebben we een mailbox geopend om alle individuele ideeën te verzamelen. We zijn dankbaar voor de uitnodiging, nu is het zaak om door te pakken.’

Suzanne Pappot (34, communicatiespecialist Kindertelefoon):

‘Na de schoolsluiting kregen we meer telefoontjes van jongeren die bang waren voor het virus en zorgen hadden over familie, of onzeker waren over hun voortgang op school. Ook was er een toename van problemen thuis, huiselijk geweld of ruzies. Voor sommigen werd verliefdheid ineens extra gecompliceerd.

‘Na de eerste weken bleek uit de gesprekken juist veel veerkracht en creativiteit: jongeren zijn ontzettend inventief als ze op de juiste manier worden aangemoedigd. In thuissituaties met veel ruzie bedenken ze plekken om rust te vinden. Ze zijn vindingrijk voor het bedenken van oplossingen voor hun eigen situatie. Zeker voor hun eigen leefgebied zijn zij de experts. Bovendien is het stimuleren van zelfoplossend vermogen goed voor hun ontwikkeling. Ze hebben vaak een kleine duw of vraag nodig om met ideeën te komen, maar het is van belang de goede vragen te stellen.

‘Dat lijkt simpel, maar onze vrijwilligers volgen een zeer uitgebreide cursus om dat onder de knie te krijgen. De oproep ‘lever je ideeën in’ is een begin; voor sommigen is het een stimulans, ­velen zullen toch meer aanmoediging nodig hebben.’


Artikel 2: Coronadepressies onder jongeren: grote zorgen, maar vooralsnog geen harde cijfers

Experts waarschuwen voor een andere epidemie die eraan komt: die van depressies, stoornissen en burn-outs onder jongeren, veroorzaakt door de lockdown. De Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) luidde de noodklok over het stijgende aantal zelfdodingspogingen onder jongeren. In hoeverre is deze noodkreet op harde bevindingen gebaseerd?

Haro Kraak 22 januari 2021, 12:19

Een lege Zeedijk in het centrum van Amsterdam. Beeld ANP
Een lege Zeedijk in het centrum van Amsterdam.Beeld ANP

Een verontrustend nieuwsbericht in het AD deze week: door de lockdown belanden er meer kinderen in het ziekenhuis na een zelfdodingspoging. ‘Het topje van de ijsberg’, zegt Károly Illy, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) en lid van het Outbreak Management Team (OMT). ‘Het is echt een noodsignaal dat ik van de hoofden van de ic’s heb gekregen.’

Opmerkelijk, want gevraagd naar deze toename zeggen vijf van de zeven kinder-ic’s de groei niet te herkennen, de andere twee reageren niet. Woordvoerders van het Radboudumc, Sophia Kinderziekenhuis, UMC Groningen, Amsterdam UMC en Maastricht UMC zeggen dat het gaat om kleine aantallen, waaruit je niets kunt concluderen. ‘Als het van één naar twee gevallen gaat in een maand, tja, dat kan ook toeval zijn.’ 

Waar de noodkreet precies op is gebaseerd, wil de NVK niet toelichten, ondanks meerdere verzoeken. Ook GGZ-instellingen hebben ic-bedden, maar ook daar waren ze verbaasd over het nieuwsbericht. 

Epidemie

Over de psychische gevolgen van de coronacrisis verschijnen voortdurend alarmerende berichten, vooral wat jongeren betreft. Aan de vooravond van een avondklok waarschuwen experts voor de andere desastreuze epidemie die eraan komt: die van depressies, stoornissen en burn-outs. Felle tegenstanders van de maatregelen voorspellen een golf aan zelfmoorden. 

Wat klopt daar tot dusver van? Wat zeggen de laatste cijfers en onderzoeken over de lockdowndepressie van Nederland?

Sinds het begin van de pandemie houdt de gedragsunit van het RIVM de psychische gezondheid bij van 64.171 mensen, een steekproef waarin vrouwen, ouderen en hoogopgeleiden een tikje oververtegenwoordigd zijn. Bij de laatste meting, rondom de jaarwisseling, gaven de deelnemers hun leven het rapportcijfer 7,2, lager dan het hoogtepunt in juli (7,6), maar net hoger dan in april (7,1).

Jongeren

Begin januari was 85 procent van de mensen psychisch gezond, volgens een vragenlijst van het RIVM. Dat is iets minder dan voor corona. In 2019 was 88 procent van de bevolking psychisch gezond, blijkt uit cijfers van het CBS. Dat zou betekenen dat enkele honderdduizenden Nederlanders psychische klachten hebben gekregen sindsdien. Vooral jongeren worden zwaar getroffen, die rapporteren in alle onderzoeken meer eenzaamheid, slapeloosheid, lusteloosheid en angst dan andere leeftijdsgroepen.  

‘Je ziet dat de grafieken meebewegen met de maatregelen en de besmettingen’, zegt Marijn de Bruin, die het onderzoek van de RIVM-gedragsunit leidt. ‘Als de maatregelen worden aangescherpt, gaan de gevoelens van eenzaamheid omhoog en het welbevinden omlaag.’ Verschillen tussen jongeren en andere groepen bestonden al, maar worden door de effecten van de lockdown uitvergroot. 

‘De adolescentie is sowieso een turbulente periode’, zegt Marloes Kleinjan, die voor het Trimbos en de Universiteit Utrecht onderzoek doet naar het welzijn van jongeren. ‘En ook voor de coronacrisis waren er signalen dat jongeren het mentaal zwaar hebben, door onder meer prestatiedruk en stress.’ Bovendien, zegt Kleinjan, ontstaat driekwart van de psychische stoornissen voor het 21ste en de helft voor het 14de levensjaar.  

Depressie

Een op de zeven jongeren ervaart depressieve klachten, bleek in november uit onderzoek van het Amsterdam UMC, vaak gepaard gaand met paniekaanvallen. De lockdown raakt jongeren nog harder omdat het hen belet zich te ontplooien in deze cruciale fase van hun leven. Kleinjan: ‘Sociale contacten zijn heel belangrijk voor je ontwikkeling. Ouderen hebben ook behoefte aan steun en interactie, maar ze hoeven er niet meer van te leren.’

Donderdag stond er een bijzonder tragische overlijdensadvertentie in de krant voor de 14-jarige Pepijn, gymnasiast uit Amsterdam. ‘De lockdownmaatregelen verteerde hij slecht’, schreven zijn ouders, ‘hij miste contact en structuur. Hij zocht iets dat spannend was, maar waarvan zijn overmoedige puberbrein de consequenties niet kon overzien.’ 

Pepijn liep vast in het thuisonderwijs, vond het leven in lockdown saai en begon te blowen, schrijven zijn ouders in een verklaring. Hij experimenteerde met de nieuwe designerdrug 3mmc, een zeer verslavend en makkelijk verkrijgbaar legaal middel. Zijn ouders vonden hem uiteindelijk in een tentje vlak buiten de ring in Amsterdam-Noord, met naast hem een kleine barbecue die aan had gestaan. Bloedonderzoek wees uit dat hij 3mmc had gebruikt en dat zijn koolmonoxidespiegel tienmaal de dodelijk dosis bedroeg.

Zoals hij zijn er in potentie velen. Door de schoolsluiting is het ritme van jongeren en kinderen verdwenen, lopen ze leerachterstanden op en valt ook de steun grotendeels weg die ze krijgen van leraren en leeftijdgenoten. Dit gemis komt telkens harder aan bij kwetsbare groepen, bleek uit een vergelijkend onderzoek. Kleinjan: ‘Vooral jongeren in moeilijke gezinssituaties of die psychische hulp nodig hebben worden geraakt.’

Over jongeren in de psychiatrie luidde de Nederlandse GGZ in december de noodklok: vóór corona waren de wachtrijen al te lang, maar sinds de zomer stijgt het aantal jongeren dat acuut moet worden opgenomen explosief. Op sommige GGZ-locaties, vooral in de Randstad, West-Brabant en het oosten van Nederland, kwamen tot wel zestig procent meer crisismeldingen binnen. 

‘We zien een toename in het aantal maar ook de ernst van de problemen’, zegt Mariëlle Ploumen, bestuurder van GGZ Altrecht. ‘Dat gaat niet alleen om depressieve of suïcidale gedachten, maar ook om dwang-, angst- en eetstoornissen.’ 

Eetstoornissen

Een van de raadsels van de jeugdpsychiatrie in coronatijd is de opmars van eetstoornissen, soms zelfs al bij kinderen van 10 jaar. Het Amsterdam UMC had in het laatste kwartaal van 2020 vijftien kinderen die weigerden te eten of drinken onder gedwongen behandeling. In dezelfde periode een jaar eerder was dat er maar één.

‘Een eetstoornis draait om dwangmatige controle’, zegt Arne Popma, psychiater en hoogleraar jeugdpsychiatrie. ‘Dat treft jongeren die al op omvallen staan, veel stress ervaren en snel een faalgevoel hebben. Met de coronacrisis komt er zoveel onzekerheid bij – dat is voor hen onverdraaglijk. Ze denken: er is nog één ding waar ik controle over heb, en dat is eten.’

De grote zorg van Popma en Ploumen is dat niet-dringende behandelingen door de coronadrukte nu worden opgeschoven en dat de situatie daardoor onnodig verslechtert, net als in de reguliere zorg. Neem het acuut opgenomen meisje met een eetstoornis dat Ploumen onlangs binnen zag komen. ‘Als zij niet zo lang had hoeven wachten op een bed, dan was haar eetstoornis niet zo veel erger geworden.’

En de GGZ verwacht dat de situatie nog nijpender wordt, want deze cijfers zijn van vlak voor de tweede lockdown. Ook seizoensklachten zouden de stijging kunnen vergroten: in de winter hebben meer mensen depressieve gevoelens. 

Zelfmoordcijfers

Hoewel de psychiatrische zorg dus onder de druk staat, stijgt het aantal zelfmoorden niet – nóg niet in elk geval. Voorheen werden de zelfmoordcijfers slechts één keer per jaar geteld, maar door de coronacrisis verzamelt 113 Zelfmoordpreventie nu elke week het aantal zelfdodingen uit allerlei bronnen. En dat is gelijk aan eerdere jaren: zo’n vijf gevallen per dag. 

Af en toe duiken er artikelen op van mensen die onlangs zelfmoord hebben gepleegd, mogelijk gevoed door corona. In mei schreef de Volkskrantover de 52-jarige Arnaud, voor wie corona het laatste zetje was. Een week voor zijn zelfdoding appte hij zijn zus: ‘Land ligt plat, maakt me bang, ik wil vluchten.’

Een 87-jarige man sprong in september van het dak van zijn verpleeghuis in Voorburg omdat hij bang zou zijn geweest voor een tweede lockdown. Een 23-jarige topjudoka zag haar dagelijkse ritme wegvallen en wilde in een opwelling niet verder leven. Haar ouders zeiden tegen AD: ‘Ze is niet overleden aan corona, wel door corona.’

Bij al dat soort persoonlijke verhalen blijft het lastig om met zekerheid te zeggen wat er in iemands hoofd omging. En het is schier onmogelijk te zeggen of een zelfdoding niet was gebeurd zonder corona. Deskundigen manen dus tot kalmte: de verhalen zijn wellicht verontrustend, de cijfers zijn dat vooralsnog niet. 

Hulpvragen

Het aantal hulpvragen is bij 113 wel gestegen, van ongeveer 300 per dag voor corona, naar 400 of 500 per dag nu. De groei valt samen met de toekenning van het nummer 113 (eerder 0900-0113), dus dat zou een deel kunnen verklaren. Uit een data-analyse bleek 80 procent onder de dertig is en dat eenzaamheid en een gebrek aan afleiding afgelopen jaar meer werden besproken dan voorheen.

De Nederlandse zelfmoordcijfers komen overeen met onderzoeken wereldwijd. Bijna nergens steeg het aantal ten tijde van de eerste golf. Op sommige plekken, zoals Peru, Japan en Noorwegen, was er zelfs in eerste instantie een daling. Dat zou volgens sommige onderzoekers kunnen komen doordat het contrast met anderen minder groot was: opeens voelden velen zich ook angstig, neerslachtig of verveeld.

Desondanks blijven de zorgen groot, nu de lockdown maar voortduurt en de echte crisis nog zou kunnen toeslaan. Waakzaamheid is geboden, want zoals Derek de Beurs zegt, Trimbos-onderzoeker en auteur van het recente boek Mythen over zelfmoord: ‘Tijdens een financiële crisis stijgt het aantal suïcides steevast, vooral onder mannen van middelbare leeftijd.’ 

Heeft u zelfmoordgedachten? Bel gratis met 113 of chat via 113.nl.

Ben je jong en heb je een probleem, groot of klein, waarover je wilt praten? Ga naar jongerenhulponline.nl. 


Artikel: ‘Ze leren niet alleen voor school, maar voor het leven’

VAN HUIS UITHoe beleven een docent, een scholier en een ouder de lockdown en thuisonderwijs? In de rubriek ‘Van huis uit’ schrijven docent Irene van den Wildenberg, scholier Merle Koster en haar moeder Ankie Koster om beurten over hun ervaringen.
Vandaag: Ankie Koster.Ankie Koster 05-01-21, 10:30 Laatste update: 05-01-21, 11:09 Bron: ED

Leerachterstanden? Ja natuurlijk zijn er leerachterstanden. Zelfs de meest betrokken ouders kunnen thuis de kennis van al die docenten bij elkaar niet evenaren. Natuurlijk lopen de kinderen achterstanden op als ze niet naar school gaan, zo’n schermpje levert nou eenmaal minder verbinding op dan een leraar in de les. 

Lees ook

Ook als juf, ik werk in groep 4 op basisschool Silvester-Bernadette in Helmond, had ik dit jaar een ander startpunt in vergelijking met andere jaren. Maar kinderen leren ook een hoop andere, nieuwe zaken. Het leven bestaat uit meer dan alleen schools leren.

Kinderen leren een hoop andere zaken: ze hebben digitale vaardighe­den ontwikkeld en leren omgaan met tegenval­lersAnkie Koster

Levenslessen voor de toekomst

Dochters Thara en Merle nemen nu meer verantwoordelijkheid rondom het huishouden. Ik hoef niet meer te vragen of ze even met een doekje over de tafel gaan. Ze hebben in no time digitale vaardigheden ontwikkeld en ze zijn zich nu veel bewuster van de maatschappij om hen heen. Ze leren omgaan met tegenvallers, leren stressbestendiger te worden en keuzes te maken. Het zijn levenslessen die ze meenemen de toekomst in. 

De gezelligheid van de klas en de sociale contacten worden tijdens de lockdown wel flink gemist, maar ook daarin vinden ze oplossingen, zoals bijkletsen via Teams. Whatsappen deden ze natuurlijk al veel, maar nu ook vaak met beeld: de gezelligheid hoor je dan uit hun kamer komen, terwijl ze er toch echt alleen zitten.

Kwartje echt niet gevallen

Wel zie ik dat het zwaar is voor ze. Het PTA (programma van toetsing en afsluiting), het boekje waarin staat wat er allemaal moet gebeuren voor het eindexamen, is hetzelfde als andere jaren, terwijl ze regelmatig op afstand onderwijs moeten volgen, aardig wat extra stress hebben en nu met deze lockdown nog minder lestijd zullen hebben. Ze moeten hard werken voor hun toetsen en hun voldoendes.

Even een mailtje sturen naar de docent is echt niet meer spannend nuAnkie Koster

Soms blijkt dan ineens dat een kwartje echt niet gevallen is, dat ze iets echt totaal anders begrepen hebben dan de leraar bedoelde. Gelukkig zagen ze dat dan tijdens het oefenen van examenvragen. Totaal gefrustreerd komen ze dan bij ons of bij de docent om hulp vragen. Ook daarin zijn ze makkelijker geworden, even een mailtje naar de docent sturen is echt niet meer spannend nu. Vroeger werd eerst uitgebreid overlegd of het wel belangrijk genoeg was om daarover een mail te sturen. Ze leren niet alleen voor school, maar ook voor het leven.

Bijeenkomst 11: Gemeentebeleid t.a.v. ouderen en armoede

Foto   Maarten Prinssen
Maarten Prinssen is wethouder in de gemeente Uden. Hij is als wethouder onder andere verantwoordelijk voor de ouderen en armoede in gemeente Uden.
Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [734.00 KB]

NA CORONA: VEERKRACHTIGE CIVIL SOCIETY VRAAGT GEMEENTE DIE INVESTEERT

Na corona: veerkrachtige civil society vraagt gemeente die investeert. Gemeenten en inwoners hebben elkaar hard nodig

RadarAdvies 08 mei 2020 1 reactie

Om onze economie en samenleving na de coronacrisis weer op de rit te krijgen, vraagt onze civil society gemeenten om nu niet te gaan bezuinigen, maar om te investeren in lokaal sociaal beleid. Gemeenten en inwoners hebben elkaar hard nodig. Tegen de achtergrond van dreigende financiële tekorten mag bezuinigen een lastig verhaal zijn, maar het verdient zich terug.

Begin dit jaar draaide de economie nog op volle kracht, met vrijwel volledige werkgelegenheid. Gemeentelijke steun aan zzp’ers, kleine zelfstandigen en mensen die nu hun baan zijn kwijtgeraakt kan dus vanuit het volle vertrouwen dat zij niets liever willen dan snel weer aan de slag gaan. Daar mag best wat tegenover staan: wat kunnen deze ‘gouden handjes’ doen om de samenleving er versneld weer bovenop te helpen?

Tegelijkertijd vrezen lokale bestuurders voor de blijvende psychosociale schade bij kwetsbare groepen, een substantieel slechter toekomstperspectief voor jongeren en oplopende sociale spanningen. Ondertussen ervaren gemeenten nu nog een enorme uitvoeringsdruk met GGD’en, sociale diensten en ondernemersloketten die overuren draaien. En een derde van de gemeenten kreeg haar begroting voor de coronacrisis al niet rond, laat onderzoek van NRC zien. De crisis heeft hun precaire financiële situatie nog nijpender gemaakt.

Hulpverlening gemeenten na corona; pak ruimte om te experimenteren

Er is dus nú urgentie om de hulpverlening aan deze mensen tot échte en vergaande innovatie te bewegen. Vrijwel alle gemeenten hebben de afgelopen jaren ingezet op sociale of buurtteams. Daar omheen sprankelt het van ideeën, die lang niet allemaal in praktijk zijn gebracht. Ook dat vraagt om een beetje geld, maar vooral om ruimte voor experimenten. Reden is er genoeg: de pandemie kan bijvoorbeeld onder nabestaanden en overlevenden nog de nodige posttraumatische stress veroorzaken. Bovendien blijken innovatieve vormen van hulp vaak verrassend kosteneffectief. De ambulante ondersteuning voor GGZ-cliënten is daarvan een voorbeeld.

Jeugdzorg na corona; barrières slechten die innovatie in de weg staan

Zorgen hebben gemeenten ook over wat de coronacrisis doet met jongeren in de jeugdzorg. De crisis laat de tekorten van het jeugdzorgstelsel zien. We kunnen deze jongeren en gezinnen niet zelf de gevolgen daarvan laten dragen. In de 1,5 meter-samenleving moeten gemeenten en jeugdzorginstellingen niet langer kissebissen over tegengestelde organisatiebelangen, maar barrières slechten die innovatie in de weg staan. Ambulante en online vormen van jeugdhulp, gezinshuizen en het coachen van jongeren maken hier het verschil. En ja, dat kost in aanvang óók extra geld.

Openbare orde en veiligheid na corona: geef extra aandacht aan sociale spanningen

Iedere crisis leidt bijna per definitie tot sociale spanningen. Mensen zoeken naar een zondebok, ervaren groeiende tegenstellingen en ongelijkheid of voelen zich buitengesloten. Gemeenten zullen na de pandemie extra aandacht moeten geven aan sociale spanningen die een uitweg zoeken. Dat is van belang omwille van de openbare orde en veiligheid, maar ook vanuit het perspectief van burgerschap.

Sociale spanningen zijn een vorm van – moeilijk herkenbare – betrokkenheid. Een teken dat mensen zich zorgen maken. Wanneer mensen elkaars zorgen herkennen, wordt gezamenlijk optrekken opeens vanzelfsprekend. Onderlinge verschillen worden dan al snel heel relatief. Dat is wat onderzoek naar polarisatie ons leert. Niet voor niets hielpen Haagse hangjongeren bij de voedselbank. Over verschillen heenstappen omdat je in hetzelfde schuitje zit; dat bij uitstek kenmerkt de veerkracht van de civil society.

Dé sleutel na corona: een zelforganiserende civil society

De civil society laat zich het best definiëren als het zelforganiserende vermogen van de samenleving. Het is dé sleutel om de maatschappij weer aan de praat te krijgen. Tijdens de intelligente lockdown hebben mensen massaal gehoor gegeven aan de oproep van minister-president Rutte tot het tonen van maatschappelijke verantwoordelijkheid. We moeten daar niet naïef in zijn. Als de situatie het weer toelaat, zullen we weer meer het eigen belang voorop gaan zetten. Maar toch, onder de getoonde verantwoordelijkheid ligt een diep besef dat we de maatschappij sámen vorm geven. Nederland in lockdown laat zien dat we daar als samenleving uitstekend toe in staat zijn. Terwijl de overheid zich richtte op haar kerntaken, nam de civil society het heft heel natuurlijk in handen. Familie-, buurt- en gemeenschapsnetwerken komen direct tot bloei en in actie.

Daar mag de civil society wat voor terug verwachten. Een gemeente die zorgt dat haar inwoners niet aan de zijlijn staan. En dat kost dus geld. En dat is dus tegen de achtergrond van dreigende financiële tekorten best een lastig verhaal. Maar draai het om. De acute uitgaven nu zijn een investering in een duurzame, zorgzame en inclusieve samenleving waar mensen zich graag voor elkaar willen inzetten. Dat verdient zich terug.

Wim Klei-Overklift Vaupel Kleyn, directeur van RadarAdvies.

https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/kennispartners/radargroep/na-corona-veerkrachtige-civil-society-vraagt.13177172.lynkx

Bijeenkomst 10: Gemeentebeleid t.a.v. sport en cultuur

Sport- en beweegbeleid

Ingrid Verkuijlen is wethouden in de gemeente Uden. Ze wil dat Uden een gezonde gemeente is en blijft. Eind 2018 is opdracht gegeven om een nieuw sport- en beweegbeleid te ontwikkelen; beleid dat breder gaat dan sport alleen. Een van de speerpunten is om kwetsbare groepen meer te betrekken bij sporten en bewegen. Zoals ouderen, mensen met een fysieke of verstandelijke beperking, maar ook kinderen uit probleemgezinnen. Meedoen met sporten en bewegen betekent vaak ook meedoen in de samenleving. Het verbindt mensen. Het nieuwe beleid wordt in het najaar van 2019 opgeleverd.

Ook in coronatijd is het belangrijk dat bewoners gezond blijven. Dit is een uitdaging, waar de wethouder op in zal gaan. Ingrid Verkuilen stelt ons dan ook de volgende vraag:

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [896.50 KB]

Filosofen zijn geen epidemiologen

Filosofen zijn geen epidemiologen

Coronafilosofen Zonder gêne laten filosofen zich uit over feitelijke wetenschap, om daarna gretig op de stoel van beleidsmakers plaats te nemen, ziet Menno Lievers.

Met een picknick protesteert de horeca in Breda tegen de coronomaatregelen.
Met een picknick protesteert de horeca in Breda tegen de coronomaatregelen.Foto Koen van Weel/EPA 

Sinds een jaar geleden de corona-epidemie de aarde overspoelde, staan er filosofen op om te verkondigen dat de mensheid deze ellende over zichzelf heeft afgeroepen. De bestrijding van de infectieziekte door de overheid met maatregelen als een lockdown, een avondklok en vaccinatie wordt door hen gezien als een vorm van „fascisme”, aldus voormalig Denker des Vaderlands René ten Bos in Trouw, waarmee de staat en de technocratie hun invloed uitbreiden, zodat er een „intensieve menshouderij” ontstaat, meent Ad Verbrugge in NRC.

Menno Lievers is universitair docent theoretische filosofie aan de Universiteit Utrecht.

De filosofen lijken het erover eens te zijn dat we door de technologische vooruitgang te oud worden; we moeten daarom bereid zijn ouderen op te offeren aan het virus. Ze beweren dit met een aplomb en zelfverzekerdheid die je doet afvragen: wie denken ze wel dat ze zijn?

Nu is de ogenschijnlijk eenvoudige vraag wat filosofie is, een van de moeilijkste die je een filosoof kunt stellen. Makkelijker is te zeggen wat zij niet is: filosofie is in elk geval geen empirische wetenschap.

Dat betekent dat een filosoof geen empirische uitspraken moet doen over de werkelijkheid, want die berusten op onderzoek en dat moet je aan de wetenschap overlaten. Filosofen staan aan de zijlijn om kritische vragen te stellen als: is het waar wat je zegt? Wat is daarvoor het bewijs?

Wezensvreemd

De bescheidenheid die daarbij past, is de filosofen die over de corona-epidemie worden geïnterviewd echter wezensvreemd. Ad Verbugge is misschien terecht verontwaardigd dat er in zijn interview met NRC (28/2) al dan niet twijfelachtige uitspraken over de vitaliteit van het menselijk immuunsysteem zijn geschrapt, het kolderieke is natuurlijk dat hij überhaupt dergelijke uitspraken doet.

Ook Marli Huijer, eveneens voormalig Denker des Vaderlands, begeeft zich in de Volkskrant zonder schroom op het terrein van de empirische wetenschappen. Misschien omdat ze arts is, maar dat verschaft haar toch niet de autoriteit om generaliserende uitspraken te doen over de biologie als: „Virussen beïnvloeden de samenhang en relaties tussen de verschillende menselijke en niet-menselijke soorten die de aarde bevolken. Wanneer één soort, in dit geval de menselijke, zich onevenredig veel toeëigent ten koste van andere soorten, ondergaat het ecosysteem veranderingen die op de soort kunnen terugslaan”.

Net als René ten Bos in zijn boek De coronastorm. Hoe een virus ons verstand wegvaagde rechtvaardigt Ad Verbrugge zijn uitspraken op LinkedIn met een wetenschapsfilosofische bêtise: „Waar het gaat om recent onderzoek is binnen de empirische wetenschap hooguit een bepaalde mate van zekerheid bereikbaar op basis van voorlopige onderzoeksresultaten.” Dat de wetenschap zichzelf voortdurend corrigeert en de ultieme waarheid niet in pacht heeft, geeft je nog geen vrijbrief om dan maar zelf, zonder enig onderzoek, een slag in de lucht te slaan, omdat je ergens wat hebt gelezen.Lees ookDit interview met Boudewijn Chabot: ‘Het wordt tijd dat de ouderen zich gaan opofferen voor de jongeren’

Zeepbellen in de humanioria

„Nergens wreekt het feit dat naast de exacte wetenschappen ook de geesteswetenschappen als wetenschappen worden beschouwd zich zo meedogenloos als in de cultuurfilosofie”, sprak W. F. Hermans in 1967 tijdens een lezing.

In de exacte wetenschap is er een duidelijke norm die ware van onware uitspraken onderscheidt, namelijk de werkelijkheid. In de cultuurfilosofie is die er niet, wat verklaart waarom ze in de humanioria zeepbellen aan het blazen zijn, die barsten zodra de subsidie van NWO is opgesoupeerd. Critici van de coronamaatregelen werpen één grote onheilspellende wolk op, waarin verwijten van bureaucratie, angst voor technologische ontwikkelingen, maatschappijkritiek en wantrouwen in de wetenschap op elkaar worden gestapeld. De analyse voltrekt zich vervolgens met de onafwendbaarheid van een natuurramp: in ‘collectieve verdwazing’ lopen we achter de leider aan en Nederland verandert in een ‘fascistische staat met avondklok’.

Opvallend is ook de gretigheid waarmee filosofen op de stoel van beleidsmakers plaatsnemen. Waar je zou verwachten dat hun kritiek op de technocratische gezondheidszorg gebaseerd is op mededogen voor de zwakkeren in onze samenleving, stellen deze filosoof-koningen een hardvochtig beleid voor waarin ouderen worden geofferd voor het welzijn van jongeren.

Ethica Heleen Dupuis, in NRC: „Je moet kunnen zeggen: we accepteren een aantal doden in de groep ouderen om de jongeren meer ruimte te geven.” Ad Verbrugge: „[…], mochten er extra overlijdens zijn, dan zullen we dat moeten accepteren”. Marli Huijer: „Wat heb je aan tien jaar erbij als je oud en eenzaam zit opgesloten in je huis? Het zou er ook om moeten gaan wat een goed leven is.”

Dit zijn wél filosofische beweringen, dus je zou verwachten dat ze de conclusie zijn van een betoog. In plaats daarvan worden ze gepresenteerd als inzichten die we op autoriteit van de filosoof moeten aanvaarden. Maar zonder sluitende rechtvaardiging zijn dit niet meer dan meningen die van de kansel worden verkondigd.

PRAAT MEE MET NRC

Onderaan dit artikel kunnen abonnees reageren. Hier leest u meer over reageren op NRC.nl .

Losse flodders

Dat is misschien nog wel het stuitendste aan de publieke optredens van deze coronafilosofen: ze laten zich zonder gêne uit over feitelijke wetenschap, maar als ze zich op hun begripsmatige vakgebied begeven, schieten ze eveneens met losse flodders. Het is gewoon heel slechte filosofie.

De (nog onbekende) nieuwe Denker des Vaderlands meent daarom terecht dat deze filosofen meer terughoudendheid zou passen, zo zegt hij of zij in de Volkskrant. Maar hij of zij vindt desondanks dat filosofie „een voortdurende oefening in maatschappelijke en culturele zelfkennis [is] en bovendien het slechte geweten [moet] zijn van haar eigen tijd en samenleving. […] Een Denker des Vaderlands moet tegenstrijdige en complexe emoties, ervaringen en opinies wegen en duiden.” Het is alsof deze denker meent dat ons tijdsgewricht een tekst is die we moeten lezen, maar „de tijd kan geen tekens geven”, aldus Hermans in zijn gelijknamige lezing uit 1967.

Met deze zelfbeschrijving geeft de nieuwe Denker des Vaderlands precies aan waarom de coronafilosofen zoveel aandacht krijgen in Nederland. Zelfkennis, duiden, wikken en wegen – het zijn taken voor de zieners en de dominees onder ons. Blijkbaar is daar behoefte aan in Nederland. Maar met filosofie heeft het niets te maken.

https://www.nrc.nl/nieuws/2021/03/12/filosofen-zijn-geen-epidemiologen-a4035312?fbclid=IwAR27XsPSyLkwHmJwl3HWXPHWIa3-Opg-S63z2_jmY_6cVNItqrYMEW4ULMg#/next/2021/03/16/#118

Bijeenkomst 9: Gemeentebeleid t.a.v. het onderwijs en economie

Foto   Gijs van Heeswijk
Gijs van Heeswijk

De negende bijeenkomst zal verzorgd worden door Gijs van Heeswijk. Gijs van Heeswijk is neames Jong-Uden wethouder en 1e loco-burgemeester van de gemeente Uden. Hij heeft verschillende onderwerpen in zijn potefeuille, zoals:

  • Onderwijs (inclusief WEB en onderwijshuisvesting)
  • Jeugd
  • Kinder- en peuteropvang
  • Volksgezondheid
  • Leerlingenvervoer
  • Economie (beleid)
  • Uitgifte bedrijventerreinen (inclusief bedrijfscontacten en SBBU/ UOV De Kring)
  • Winkelcentrumbeleid (inclusief reclamebelasting en UCO)
  • Citymarketing
  • Evenementen, kermis en markten
  • Toerisme en recreatie
  • Bestuur in de regio/ opschaling (samen met de burgemeester)

Gijs van Heeswijk zal tijdens zijn presentatie ingaan op de gevolgen van de coronacrisis op de economie van en de ondernemingen binnen de gemeente Uden om vervolgens aan te geven voor welke (politieke) keuzes de gemeente staat. Hoe de gemeente de economie en de ondernemers kan stimuleren en waar de dilemma’s liggen. Hij zal tijdens zijn presentatie een aantal stellingen voorleggen en bespreken.

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [772.50 KB]

Gemeente Uden richt per direct noodfonds op voor ondernemers

Geplaatst op maandag 6 april 2020

Gemeente Uden heeft een Noodfonds opgericht voor ondernemers in Uden die in acute financiële problemen verkeren. Als zij een aanvraag hebben gedaan voor een of meer Rijksregelingen, kan het fonds hen snel een renteloos voorschot ter beschikking stellen om de periode te overbruggen tot de Rijksregeling wordt toegekend.

Wethouder Gijs van Heeswijk: “Wij krijgen veel signalen van ondernemers dat het water hen aan de lippen staat. Wij vinden dat we als gemeente ook onze verantwoordelijkheid moeten nemen en willen onze ondernemers niet in de steek laten. We weten dat veel ondernemers gebruik willen maken van de diverse ondersteuningsmaatregelingen van het Rijk. Helaas kosten die procedures veel tijd bij de Rijksoverheid. Sommige ondernemers geven aan dat ze deze tijd niet meer zelf financieel kunnen overbruggen. Met dit Noodfonds willen we hen daarbij helpen.”  

Opvang acute liquiditeitsproblemen

Het Noodfonds is per direct van kracht, legt Van Heeswijk uit. Het is bedoeld voor ondernemers in Uden, Volkel en Odiliapeel die als gevolg van de coronacrisis in acute financiële problemen zijn gekomen. “Met een voorschot vanuit dit fonds kunnen ze hopelijk nét de periode overbruggen tot de rijksregelingen gaan uitkeren. Zo hopen we een paar ondernemers te kunnen helpen die écht in acute financiële nood verkeren.”

Renteloze lening

De uitkering van het Noodfonds bestaat uit een eenmalige renteloze lening van €4.000,-. Die lening kan met ingang van maandag 6 april worden aangevraagd. Voorwaarde om een beroep te kunnen doen op de lening is dat de ondernemer al een aanvraag heeft gedaan voor één of meer rijksregelingen. Ook moet de uitkering van het fonds worden terugbetaald, zodra de rijksregeling uitkeert. 

Van Heeswijk: “Het is niet gebruikelijk dat we als gemeente renteloze leningen verstrekken. Feitelijk spelen we dan de rol van een bank. Het zijn echter uitzonderlijke tijden en die vragen om uitzonderlijke maatregelen. We proberen onze ondernemers te ondersteunen waar we kunnen!”

Lening aanvragen

Het Noodfonds heeft de beschikking over totaal € 400.000,-. Er kunnen dus maximaal 100 aanvragers van de regeling gebruik maken. Ondernemers kunnen een beroep doen op het Noodfonds via het aanvraagformulier op deze website. Aanvragen kan tot en met 29 april aanstaande. De gemeente zal aanvragen op volgorde van binnenkomst behandelen. Ze neemt in elk geval binnen twee werkdagen contact op na ontvangst van de aanvraag.

https://www.uden.nl/inwoners/nieuws/2020/04/06/gemeente-uden-richt-per-direct-noodfonds-op-voor-ondernemers

Bijeenkomst 7: Complexiteit van data-analyses rondom Corona en coronabeleid

Veel belangstelling voor coronavoorspellingen TU/e

1 MEI 2020

Zes weken geleden begon statisticus Edwin van de Heuvel met het publiceren van zijn coronavoorspellingen op deze website. De pagina werd bijna 360.000 keer bekeken.

Edwin van den Heuvel

Edwin van den Heuvel. Foto: Bart van Overbeeke

Zes weken lang had TU/e-hoogleraar Edwin van den Heuvel een nieuwe ochtendroutine. In een klein, hecht team berekende de datawetenschapper elke dag de nieuwste voorspellingen voor het aantal nieuwe besmettingen en doden als gevolg van het coronavirus. Wat begon als een voorzichtig probeersel, groeide uit tot massaal gevolgde dagelijkse updates die een belangrijke hulp boden aan ziekenhuizen in het beteugelen van de crisis. Nu de pandemie in veel landen begint af te vlakken, is Van den Heuvel gestopt met de dagelijkse updates. Tijd voor een terugblik.

Begin maart, toen de ernst van de coronacrisis langzaam duidelijk begon te worden, besloot Edwin van den Heuvel om in actie te komen. “Ik zag de groeiende aantallen voor het virus en realiseerde me dat dit wel eens heel erg fout kon gaan”, zegt hij. “Ik sprak een collega: wat kunnen wij doen om te helpen?” Samen keken ze wat beter naar de data voor China, deden wat analyses, en merkte al snel dat ze in staat waren voorspellingen te doen die goed bleken te kloppen voor alle provincies van China, Iran, Italië en Zuid-Korea.

Zijn ervaring in de epidemiologie kwam hierbij van pas, waarbij hij onderzoek deed naar de oorzaken dat mensen ziek worden, of hoe risicofactoren zich ontwikkelen. Ook de curves die de verspreiding van het virus beschrijven waren niet onbekend voor hem. “Ik werkte eerder in de farmaceutische industrie, waar dezelfde soort curves worden gebruikt om de concentratie van medicaties te meten.”

Wat begon als een vingeroefening groeide in een maand uit tot een omvangrijk project. De afgelopen zes weken maakte hij dagelijks een nauwkeurige, meerdaagse voorspelling van het aantal bevestigde infecties en doden voor maar liefst 24 landen en 4 Nederlandse provincies. Bij een deel ervan schatte hij bovendien het uiteindelijke maximum aantal bevestigde infecties. Voor Nederland constateerde hij als één van de eersten dat de afvlakking definitief was ingezet voor het aantal infecties en maakte hij de eerste publieke schatting voor het maximum.

MODEL MET DRIE PARAMETERS

Van den Heuvel werkte nauw samen met twee vaste collega’s, Marta Regis en Zhuozhao Zhan. Hun dagen hadden zes weken lang dezelfde ochtendroutine. “Marta of Zhan haalde de meest recente data van de websites, draaide de verschillende analyses, en dan bespraken we dat met elkaar via Skype”, vertelt Van den Heuvel. “We liepen alle landen langs, controleerden de gegevens met verschillende websites en bespraken de opvallende trends.”

De drie onderzoekers gebruikten het zogeheten logistisch populatiegroeimodel, dat al in de eerste helft van de 19e eeuw is ontwikkeld door de Belgische wiskundige Pierre-François Verhulst. Dit model met drie parameters werd door de onderzoekers op de officieel gerapporteerde infectie- en sterfcijfers gelegd, met als startmoment het eerste gerapporteerde sterfgeval. Op basis van deze ‘fit’ kon het team een voorspelling doen voor het aantal nieuwe infectie- en sterfgevallen voor de volgende dagen. Dagelijks werden de nieuwe data toegevoegd om de geschatte aantallen betrouwbaarder te maken. Later hebben ze nog een aanpassing gemaakt, die gebaseerd was op een generalisatie van het Von Bertalanffy model, om de voorspellingen te verbeteren

MAILBOX OVERSPOELD

Vanaf het moment dat de voorspellingen op de TU/e-website verschenen werd Van den Heuvels mailbox overspoeld met reacties. “Die eerste week was erg intensief, met veel reacties en mediaverzoeken. Ik had niet verwacht dat het zoveel zou teweeg brengen”, zegt hij. De reacties komen uit allerlei hoeken: van ziekenhuizen en bedrijven die zijn data willen gebruiken tot talloze geïnteresseerden met suggesties en vragen, die Van den Heuvel overigens zoveel mogelijk probeerde te beantwoorden. 

De pagina met zijn voorspellingen doorbrak alle records: in totaal werd die de afgelopen weken bijna 200.000 keer bekeken. “Ik denk dat veel mensen onze dagelijkse updates zijn gaan volgen om een soort graadmeter te hebben voor hoe de pandemie zich in de wereld ontwikkelt.” 

De vele verzoeken leidden concreet tot samenwerking met meerdere ziekenhuizen, in eerste instantie binnen de regio, maar ook met een Rotterdams ziekenhuis. Hierbij vertaalde hij samen met anderen bijvoorbeeld de verwachte aantallen naar ziekenhuisbedden. “Dat is waar je dit natuurlijk voor doet, om daadwerkelijk impact te hebben in de maatschappij.”

BETROUWBAAR

Ook had hij contact met het RIVM. Van den Heuvel: “Er waren in het begin wat onduidelijkheden over wat wij precies deden, en hoe wij te werk gingen, omdat we de gangbare verspreidingsmodellen iets anders gebruikten, maar uiteindelijk is er een goed contact ontstaan. Ook werd onze pagina opgenomen op hun website met betrouwbare databronnen.”

Maar er waren ook negatieve reacties. “We kregen bijvoorbeeld te horen dat we er volledig naast zitten met wat we doen en dat we een soort van amateurs zijn. We nemen alles serieus want we willen het zo goed mogelijk doen met de data die we hebben. Maar het viel me wel op hoe snel men soms conclusies trok, zonder zich goed te verdiepen in wat we doen. Daar kan ik me boos over maken.”

Veel van de kritiek richtte zich bijvoorbeeld op de beperkte waarde van de voorspelling, aangezien de beschikbare data niet compleet zijn. “De problemen met de data zien we natuurlijk ook en wij zijn daarom ook voorzichtig geweest in het doen van sterke uitspraken”, zegt Van den Heuvel. “Maar”, zegt hij, “we beliepen niet de traditionele route dat je eerst goede data nodig hebt om een model te kunnen bouwen. Wij richtten ons juist op de data, en door veel verschillende modellen te testen en vergelijkingen met andere landen te maken, haalden we kennis uit de data. Achter de schermen deden we veel meer dan men zag op de website.”

VERVOLGSTAPPEN

Inmiddels is Van den Heuvel gestopt met de dagelijkse updates. Nu de pandemie in veel landen begint af te vlakken, leveren de dagelijkse grafieken weinig nieuwe inzichten meer op. Maar dat betekent niet dat het onderzoek helemaal is gestopt. Achter de schermen blijft het team de situatie monitoren om te zien of de pandemie wellicht weer oplaait, nu in veel landen de lockdown langzaam wordt opgeheven. Zodra dit het geval is, zal Van den Heuvel het publiek daarvan op de hoogte brengen.

Ook is hij al bezig met de volgende stappen. “Een promovendus onderzoekt momenteel de effecten van de maatregelen, daar verwacht ik binnenkort de eerste resultaten van. Ook gaan we komend kwartiel een vak geven voor wiskundestudenten over modellen over verspreidingsziektes, en wil ik met het RIVM proberen een (onderzoek)studie op te zetten.”

Tot slot, terugkijkend, had hij iets anders aangepakt? “Als ik had geweten waar dit allemaal toe zou leiden, had ik misschien een groter team willen hebben”, lacht Van den Heuvel. “Dan kan iemand zich puur vastleggen op het zoeken naar betere data en  iemand anders kan meer simulaties draaien.” Maar tegelijk is hij ook trots op zijn team. “We zijn een klein, hecht team. Het is bijzonder hoe we dit met elkaar bedachten en het ook echt zijn gaan doen. We zullen blijven proberen een bijdrage te leveren.”

De dagelijkse voorspellingen van Edwin van den Heuvel zijn hier terug te vinden.

Het onderzoek van Van den Heuvel maakt deel uit van TU/e against COVID-19, waarmee de TU/e een bijdrage wil leveren aan een oplossing van de Corona-crisis.

https://www.tue.nl/nieuws/nieuwsoverzicht/01-05-2020-veel-belangstelling-voor-coronavoorspellingen-tue/

https://assets.tue.nl/fileadmin/content/pers/2020/04%20April/CORONA%20virus%20confirmed%20cases%20and%20predictions%20final%20archive.pdf

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [731.14 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [425.20 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [1.08 MB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [208.12 KB]

Bijeenkomst 8: Mobiliteit en culturele diversiteit in coronatijd.

Prof Dr F. Cörvers

Frank Cörvers (1966) combineert de leerstoel Demografische transitie, menselijk kapitaal en werkgelegenheid aan Maastricht University met het onderzoeksprogramma Menselijk kapitaal in de regio bij het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA). Voorts is hij lid van het managementteam van het ROA en wetenschappelijk directeur bij de Maastricht University Graduate School of Business and Economics (GSBE). Tevens is hij aan Tilburg University voor een dag per week werkzaam op de leerstoel voor de Onderwijsarbeidsmarkt (i.e. de arbeidsmarkt voor leraren).

Frank Cörvers studeerde algemene economie in Maastricht en Hannover, en promoveerde aan Maastricht University op een onderzoek naar de invloed van onderwijs en training op de internationale concurrentiepositie van industriesectoren. Hij werkte als docent aan de economische faculteit bij Maastricht University, en als onderzoeker, projectleider en leidinggevende bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het ROA.

Hij is onder meer lid van de wetenschappelijke board van ITEM (Institute for Transnational and Euregional Cross border Cooperation and Mobility van Maastricht University), lid van Expertgroep Sociale Demografie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), lid van de Wetenschappelijke Reflectiegroep Bevolkingsdaling (WRB) van het Ministerie van BZK en Platform31, en lid van de Adviescommissie Leerlingen en Studentramingen (ALS) van het Ministerie van OCW. Als toezichthouder bij Zuyd Hogeschool heeft hij de portefeuille onderwijs en onderzoek.

Hij publiceerde tientallen onderzoeksrapporten voor opdrachtgevers van onder andere ministeries, provincies, Europese instellingen, OECD, World Bank, en onderwijs- en branche-organisaties. Frank wordt als expert op het terrein van onderwijs en arbeidsmarkt regelmatig gevraagd voor advies en inspiratie bij overheden en adviesorganen (SER, Onderwijsraad, WRR, etc.).

(Bron: https://www.maastrichtuniversity.nl/nl/frank.corvers)

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [50.66 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [215.66 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [425.38 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [534.22 KB]

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [589.54 KB]

Interessante websites:
de zoon van Geert Hofstede: gertjanhofstede.com
Een consultancy bedrijf dat de concept van Hofstede gebruikt in de eigen methodiek en adviestrajecten: National Culture (hofstede-insights.com)