Scepticisme – par. 3.3 – vragen

  1. Waar staat de correspondentietheorie voor? Waar gaat deze theorie vanuit?
  2. Wat is het verschil tussen correspondentie en coherentie? Welke vraag speelt bij correspondentie geen rol en bij coherentie wel?
  3. Lees de primaire tekst van Plato, Wat is kennis? (blz. 195-196 uit het Voordeel van de Twijfel). Er zijn drie voorwaarden voor kennis: I. De persoon moet overtuigd zijn en II. Het moet waar zijn. De derde voorwaarde is, in lijn met Plato, de verantwoording of rechtvaardiging. Wat houdt de verantwoordingseis in? Zorg ervoor dat de eis voor verantwoording wordt gelinkt met het uitgangspunt van de correspondentietheorie.
  4. Leg uit waarom het problematisch is, op basis van het voorbeeld van Russells klok, om uit te gaan van de verantwoordingseis als derde voorwaarde voor kennis?
  5. Welke eis stelt Robert Nozick voor in plaats van de (klassieke) verantwoordingseis? Waar gaat deze eis vanuit? Verwerk in je antwoord de noodzaak om een tegen-feitelijk gedachte-experiment uit te voeren. Haal desnoods nog paragraaf 1.7 (blz. 40) er nog eens bij.